Meet the family

En dan opeens…

Als fietser op de Camino leg je per dag ongeveer drie keer zoveel km’s af als wandelaars. Dat betekent dat de pelgrims te voet min of meer gezamenlijk oplopen. Als een loper rust neemt komen er mensen voorbij die zij veelal eerder hebt gezien. Er ontstaat een ‘gemeenschap’ die in een losverband gezamenlijk met elkaar optrekken. Als fietser voel ik me een verre neef van de koude kant van die familie.

Bij het opstaan vanmorgen voel ik me  alleen. Ik ben best ver in de acceptatie daarvan. Ik weet inmiddels dat ik een leuke dag ga hebben, laat het los en doe het ochtendritueel van douchen, inpakken, fiets optuigen. Maar Ja on heeft een ander plan voor me vandaag.

Burgos is een grote stad en er zijn nog vier fietsers. Judith heb ik gister eerder gesproken.

Ieder doet zijn met een suffig ochtend hoofd zijn eigen ding. Relevant om te weten: om 8:00 wordt je de herberg uitgebonjourd: ‘Pelgrimmeren jij met met boeltje… hup eruit!’ Een ondernemer aan de overkant van de straat doet goede zaken met eten, drank en…. ontbijt!

Met een vol buikje, voldoende koffie en zin in weer een zonnige dag rijd ik de heuvel af naar het plein voor de kathedraal.

Judith, Han, Emanuelle en Giovanna, de vier fietsers staan daar in conclaaf over hoe de stad uit te rijden. En dan opeens gebeurt het: we oriënteren ons gezamenlijk en rijden als groep de stad uit.

Inmiddels trekken we twee dagen met elkaar op. Laat me je voorstellen aan de rest van de familie van de koude kant:

  • Judith. Een Zwitserse vrouw in de vijftig die 6 talen spreekt waaronder Spaans.
  • Han. Een 66 jarige Berlijner die op een fiets uit 65 zonder versnellingen mij op de hellingen naar boven voorbij rijdt. Spreekt alleen plat Berlijns.
  • Emanuelle. Een 37 jarige Siciliaanse met epilepsie en e-mountain bike. Enorme vrolijke warmhartige lachenbek die uit het Engels en Duits in lachbuien terug schiet in temperamentvol Italiaans.
  • Giovanna, haar lieve geduldige vriendin die alleen Italiaans spreekt en een machtige rugzak draagt op haar breedbandinge mountainbike.

Waar Emanuelle haar motor aanzet om boven te komen, moet Giovanne lopen omdat het boven haar macht gaat. Waar het op een grindpad het trappen van de e-bike (nu zonder motor) Emanuelle vertraagt, wacht Giovanna aan het eind van de 10 km grindweg op haar. Hun gezamenlijke snelheid blijft ver achter bij die van de andere drie, waardoor het groepje, na de stadsgrens, snel uit elkaar valt.

Han rijdt op een onderweg nog gelaste fiets (de voorvork was gebroken) mij zonder versnellingen bij de heuvel op. De man heeft spillebeentjes, waar de kracht vandaan komt waarmee hij zijn fiets tot grote hoogtes stuwt is toegevoegd aan het lijstje wonderen dat ik deze reis heb aanschouwd.

Zijn fiets logenstraft elke high-tech innovatie uit de afgelopen vijftig jaar toegepa in mijn Koga. Een fiets is een fiets, het gaat om de fietser.

Bij een historisch juweel maakt Han een foto en hij is klaar om verder te gaan. Judith is net als ik een liefhebber en boekje bij de oude stenen lezer.

Met een groep, komt groepsdynamiek. De snelheden lopen flink uit elkaar en ieder doet zijn eigen ding. Maar als we ’s avonds alle vijf onverwacht in dezelfde herberg overnachten zijn de tranen van vreugde van Emanuelle het meest sprekend voor hoe blij we zijn opnieuw bij elkaar te zijn.

Leerzame dagen, grote delen van de dag rijdt ik alleen, maar wat een verschil om deel uit te maken van een verband. Er wordt geappt, voor elkaar gezorgd, hulp geboden en gelachen en ondertussen doet ieder zijn eigen ding op zijn eigen manier.

Ik ben dankbaar even ergens bij te horen en merk hoeveel ik dat mis en eigenlijk met alle dynamiek die het brengt ook weer helemaal niet.