Father Matthew’s mis

Als ik de herberg binnenloop zit bij de houtkachel een ronde wild bebaarde man genoegelijk te dutten. Bij het inchecken vertelt de herbergier dat er een kleine dienst is om 19:00. ‘Matthew’ en hij wijst naar de duttende man, ‘is priester en zal vanavond een kleine mis verzorgen’.

Om 19:00 loop ik de ruimte in. Er staan twee tafels, vier stoelen op een rij en achter één van de tafels staat Matthew in een bruine pij. Hij legt de laatste dingen klaar. Een hostie, een plastic flacon met wat wijn, een mooi satijnen doekje een tablet. Op de andere tafel liggen twee supportershirts, één van Barca en één van Reaal, samen met andere voetbal supporterspul.

Hij verwelkomt me met een stevige handdruk in een zacht gesproken Amerikaans. Ik ben de enige bezoeker en neem plaats op één van de stoelen. ‘Zullen we de anderen nog een paar minuten geven voor we starten?’, vraagt hij. Ik blijf de enige.

Matthew begint de dienst en leest de rituele teksten zo intensief van de tablet dat ik even begin te twijfelen aan zijn priesterschap. Hoe kan ik nou bepalen of hij een wannabee imposter is of the real deal? Het geheel heeft een hoog surrealistisch gehalte. Een privé mis voor mij alleen. Mijn blik wisselt tussen de scrollende priester rechts en de concurrerende voetbalshirts gebroederlijk uitgestald links voor me.

Vlak voor de lezing uit het oude testament komt de herbergier binnen en we luisteren samen naar de lezing. Matthew verzorgt de mis in het Engels. Ik ben niet erg bekend met de Katholieke liturgie en na Chartres (Frans) en Burgos (Spaans) kan ik voor het eerst goed volgen wat er gezegd wordt.

Na een tweede lezing uit het nieuwe testament geeft Matthew een korte bijbeluitleg en het raakt me. In de tekst die hij gelezen heeft spreekt Jezus over de kerk. Hij spreekt niet over het bouwen van een groot instituut maar over het verspreiden van het geloof door eenvoudige daden van vriendelijkheid. Die verbeteren iemands dag en die zal op zijn beurt weer de dag van anderen verbeteren met zijn eigen aangewakkerde vriendelijkheid.

Geen schokkende boodschap, of meer nog, een boodschap die in contrast staat met de afbeelding van de dag des oordeels en het vagevuur die ik boven de ingang van een aantal kerkportalen heb gezien. Ik hoef geen religieus iemand te zijn om te begrijpen en te geloven dat deze eenvoudige leefwijze de wereld een betere plaats maakt.

Wat me vooral treft is hoever deze leefhouding bij mij op de achtergrond is geraakt. Hoezeer ik, wat ik als gemis ervaar centraal heb gesteld en zo voorbij ga aan de eenvoud en kracht van vriendelijkheid en hulpvaardigheid. Ik maak een mentale notitie.

Ik had vooraf Matthew al verteld dat ik niet mede de hostie of de wijn wil delen. Het is een indrukwekkende ervaring en voorrecht om twee mensen van zo dichtbij dit ritueel te zien uitvoeren en hoevol betekenis dit is voor hen. Een betekenis die ik kan nazeggen, maar geenszins kan inleven.

Matthew eet driekwart van de hostie en drinkt alleen van de wijn. Ik onderdruk de glimlach die de nu wel heel sterke associatie met father Tuck uit Disney’s Robin Hood oproept.

Met een onze vader, spontaan tegelijk opgezegd in drie talen, wordt de korte dienst afgesloten. Ik blijf even zitten en maak een praatje de monnik/priester terwijl de herbergier terug aan zijn dagtaak gaat.

Na gewerkt te hebben bij de gebouwendienst van het Smithsonian (een wetenschappelijk museum en onderzoeksinstituut) is hij ingetreden en na 10 jaar tot priester gewijd. Zeven jaar heeft hij de parochie geleid in een Philadelphia prison. ‘Dat is de reden dat ik nu de Camino doet. Ik heb teveel gezien’, zegt de forse man, nu in zijn wandelkleding, terwijl hij zijn pij en priesterkleed opvouwt.

 

Nawoord: de volgende dag hoor ik een vriendelijke voorkomende Amerikaan, die met zijn familie zit te ontbijten: ‘This is really very delicious bacon, can I please have some salt, por favor?’. Als ik iets later aan hem vraag of ik hun zout mag gebruiken, zegt hij ‘Of course! Are you having a wonderful day?’. Dit alles op een zeer hartelijk toon. Ik voel me ook werkelijk blijer worden, maar in mijn hoofd geeft het kortsluiting. Oordelen als ‘nep’ en ‘gemaakt’ bederven de blijheid.

Met de uitleg van gister nog vers in mijn geheugen ben ik blij dat ik nog een paar weken te gaan heb om te werken aan niet alleen het geven, maar ook het ontvangen van simpele vriendelijkheid. Wie weet…